tour de flandre (2011)

28.09.11 - 27.10.11 


Wat weten we over onze buren? In de tweetalige Tour de Flandre langs vijf steden (Gent, Brugge, Leuven, Oostende en Antwerpen) ontmoetten Nederlandstalige schrijvers en kunstenaars hun Franstalig Belgische collega's, met als gastvrouw Anna Luyten. Gesprekken, brieven, poëzie, film, strips en muziek: het menu was telkens anders. De Tour de Flandre bood een mooie gelegenheid om kennis te maken met een aantal belangrijke stemmen uit Brussel, Vlaanderen en Wallonië, in de geest van ontmoeting en dialoog eigen aan het Brusselse internationale literatuurhuis Passa Porta.


foto's

media

  • Herbeluister de reportage die Katharina Smets maakte voor Klara (programma Babel, vrt, 28.9.2011). Franstalig Belgische en Vlaamse auteurs praten over literatuur aan overzijde van de taalgrens. U hoort de stemmen van Anne Provoost, Alain Bertrand, Caroline Lamarche en Pjeroo Roobjee.
  • Over Tour de Flandre op Cobra.be
  • 'Wallifornië verovert Vlaanderen': nabeschouwing en interview in het Gentse studentenblad Schamper (10.10.2011)
  • 'Ronde van Vlaanderen zonder Muur': Michaël Bellon (Brussel Deze Week) over de start van de Tour in Gent op brusselnieuws.be.
  • Geert Sels (De Standaard) sprak naar aanleiding van Tour de Flandre met Caroline Lamarche en Judith Vanistendael. Lees hier...
  • De Franstalige romanschrijver Xavier Deutsch in het Leuvense studentenblad Veto

teksten

reacties

Jean-Philippe Toussaint
'C’était à la toute fin de l’étape d’Ostende, où se teminait pour moi le Tour de Flandres. J’étais encore sur l’estrade, ou déjà sur le podium, lorsque Anna Luyten a évoqué ma chute de vélo à Ostende plus de quarante ans plus tôt, lors d’un sprint sur la digue. J’avais dix ans, j’étais en train de dépasser ma soeur pour gagner la course, quand, par une manœuvre malencontreuse, ma soeur m’a fait une queue de poisson. Je n’ai pas pu l’éviter, je l’ai heurtée de plein fouet, et je me suis envolé par-dessus mon vélo pour retomber sur la digue la bouche la première, les deux incisives brisées. C’est depuis ce jour, je m’en suis soudain rendu compte grâce au Tour de Flandres, que j’ai — et que j’aurai toujours  — ce sourire ostendais.'

Anne Provoost
‘Het probleem tussen de Nederlandstalige schrijvers en de Franstalige schrijvers in België is het schuldgevoel. Ze denken dat ze elkaars taal beter horen te spreken dan het geval is, en daarom gaan ze elkaar uit de weg. Ze weten dat ze elkaar horen te lezen, maar ze doen het niet omdat de literaire finesses van de andere landstaal hen ontgaan. Daarom zijn er vertalingen nodig. Goede en literaire vertalingen, zodat de schrijvers van beide landshelften elkaar weer in de ogen durven te kijken.
La lumière des polders, het boek van Alain Bertrand over mijn geboortestreek, is niet vertaald. Ik heb het dankzij de Tour de Flandre van Het beschrijf toch gelezen. Ik heb er veel van begrepen, maar veel is me ook ontgaan. Ik kijk Alain Bertrand nu wel in de ogen, maar ja, hij heeft dan ook in mijn bed gelegen.'

Alain Bertrand
‘Se rendre en Flandre, pour beaucoup de Wallons, c'est franchir un abîme sur un pont de bois, fait de rondins et d'inconnu. A mes yeux, il s'agit d'autre chose : il me semble, dès la frontière linguistique, que mes sens s'éveillent aux moindres détails, comme s'ils renouvelaient une joie intérieure liée aux paysages, aux peintres, aux écrivains, aux gens de Flandre. Le voyage à Leuven fut l'occasion, plus encore, de m'immerger dans la langue et d'y répondre, maladroitement, aux questions tout en taillant un bout de gras avec Anne, Piet, Jan, ...'

Xavier Deutsch
‘Je suis né à Louvain le 9 février 1965. J'ai grandi dans l'insouciance. On n'avait pas la télé à la maison, j'ignorais absolument quels événements étaient occupés à secouer les pavés de ma ville natale.
Puis, alors j'étais encore petit, il a fallu que ma famille fasse ses valises et s'en aille s'établir sur une autre terre nommée Wallonie. C'était l'époque de ce qu'on nomme en Flandre le « Leuven Vlaams » et en Wallonie le « Walen buiten » : j'avais six ans, je ne comprenais rien, je ne me rendais compte de rien alors que, tout de même, ce déménagement était lié à l'Histoire de la Belgique, et je n'en ai conçu nulle tristesse, nulle amertume.
Je n'étais plus jamais retourné à Leuven depuis cette année 1971. Je n'avais rien à y faire, je n'avais pas la curiosité de m'y rendre, et le temps a glissé tout seul.
Puis est venu le Tour de Flandre, l'invitation du Beschrijf. Un très bel endroit, le Wagehuys, sur la Brusselsesteenweg, et de belles personnes. L'air était doux. J'avais un texte à lire, aux côtés du magnifique Pjeroo Roobjee, un privilège. Et quelques mots à prononcer en langue néerlandaise, pour le plaisir de faire rouler ces phrases qui remontaient de loin, de très loin. Dans le fond, si j'ai bu le français dans le lait de ma mère, je ne peux pas avoir entièrement fait abstraction du bruit de fond, du chant parlé par les murs, les béguines, les roues de vélo, les infirmières de la maternité. Peu importe.
Je suis revenu. Comme le général Mc Arthur, I was back. La Louvain de ma naissance était devenue Leuven, je l'ai regardée mieux, de plus haut car j'avais grandi, et je l'ai sentie m'accueillir avec une fascinante gentillesse.
Quand on le parle au lieu de le vociférer, comme chaque idiome sur Terre, le néerlandais est une très douce langue. La langue de mon pays.'

Pjeroo Roobjee
‘Helemaal niet plat doch fatsoenlijk steil van klim was onze wondere Tour de Flandre. Na deze verfrissende rittenkoers valt het mij, mens en Flandrien zijnde, wreed zwaar de pedalen te lossen om uit het zadel te wippen en mijn armzalig schrijversvest weder aan te trekken.'


terugblik

door Anne Janssen (Passa Porta)


Hoe goed kennen we onze buren? Met deze vraag, of zeg maar bekommernis, trokken wij gedurende een maand met onze karavaan langs vijf Vlaamse steden.

Het antwoord op onze vraag was niet zelden ‘slecht'. We waren bijvoorbeeld erg nieuwsgierig naar Jean-Philippe Toussaint, deze ‘wereldwijd meest vertaalde Belgische romanschrijver', maar wie had er al een boek van hem gelezen? Namen zoals Alain Bertrand, Manah Depauw, Xavier Deutsch, Thomas Gunzig en Caroline Lamarche klonken in menige oren onbekend.

Zijn we dan ‘slechte Belgen'? Jean-Philippe Toussaint vindt van niet. Hij gelooft niet in het bestaan van een ‘Belgische' literatuur en beschouwt zichzelf dus ook niet als een ‘Belgische' schrijver. Het heeft geen zin literatuur in hokjes volgens landsgrenzen en nationaliteiten te duwen. Het ‘land' van de schrijver is de taal waarin hij werkt, aldus Toussaint. Anne Provoost is het daarmee eens. Door haar fascinatie voor Angelsaksische literatuur verliest zij soms het zuiden uit het oog. Het werk van auteurs van beide landshelften zou meer moeten worden vertaald, stelt ze, zodat we elkaar in onze eigen taal kunnen lezen, en we ‘elkaar weer in de ogen durven te kijken'.

Caroline Lamarche woont aan de taalgrens en weet uit ervaring dat een gebrekkige talenkennis je ook in een zwakkere positie stelt. Ze is drietalig, maar kent helaas de ‘verkeerde' talen. Na verwoede pogingen om het Nederlands onder de knie te krijgen, besluit ze dat we elkaar pas echt kunnen zien op het moment dat we kwetsbaar durven zijn. In die kwetsbaarheid schuilt een bepaalde schoonheid. Antoine Boute laat Els Moors uit zijn werk voorlezen in het Frans. Hij vindt haar Frans met Vlaams accent zo ‘sexy'. Ziehier de esthetiek van het onvolmaakte. De ander als iets exotisch, zoals Thomas Gunzig beschrijft in zijn pornofantasie over Vlaamse meisjes.

Er heerst veel verwarring in onze Tour. Nederlands en Frans worden door elkaar gesproken. Presentatrice Anna Luyten kondigt aan dat Caroline Lamarche in het Frans zal antwoorden. Ze antwoordt in het Nederlands, waarop ze schrikt en zich verontschuldigt. Deze verwarring brengt ons steeds terug naar Brussel. Judith Vanistendael tekent en werkt rond het vuile en eenzame van de grootstad. ‘Bruxelles, op het eerste gezicht geen topmodel', zingt Piet Maris. Beiden drukken ze hun liefde uit voor een stad die verre van vanzelfsprekend is. Volgens Vanistendael is Brussel geen keuze: ‘C'est la vie. Het is geen nette stad, maar het is een beetje zoals een kind dat in bed plast: daarom hou je er niet minder van.

Anna Luyten bedankt en feliciteert alle aanwezigen. We zijn haar ‘kameraden in de strijd tegen de onverschilligheid'. En de karavaan trekt weer verder, andere grenzen tegemoet...

 



Tour de Flandre was een reeks ontmoetingen op initiatief van de Brusselse literaire organisatie Het beschrijf, i.s.m. Vooruit, Openbare Bibliotheek Brugge, 30CC, Vrijstaat O en Behoud de Begeerte. Met de steun van de minister bevoegd voor Brussel